Prestatieveld 7, 8 en 9


Maatschappelijke opvang, openbare gezondheidszorg en verslavingsbeleid

 
Deze prestatievelden bespreken we hier tegelijk omdat ze veel overeenkomsten hebben. Ze richten zich alledrie op groepen burgers die een marginale positie in de samenleving innemen door dakloosheid, verslavingsproblematiek en psychiatrische problemen of een combinatie daarvan.

Sport en bewegen

Binnen de opvangvoorzieningen met een langere verblijfsmogelijkheid vinden incidenteel activiteiten plaats gericht op sport en bewegen. Binnen ambulante voorzieningen is niet of nauwelijks sprake van een sport- en beweegaanbod. Sport en bewegen is een goed middel om meer structuur aan te brengen in het leven van deze kwetsbare burgers.

Gemeente

De gemeente kan er voor zorgen dat instellingen uit de maatschappelijke opvang beter worden gefaciliteerd om beweegactiviteiten mogelijk te maken. Bovendien kan de gemeente de samenwerking tussen de maatschappelijke opvang en deskundigen uit de beweegsector stimuleren om een verantwoorde begeleiding te realiseren.

Praktijkvoorbeeld: Een p-voetbalteam, met dubbele bezetting

Binnen de Amsterdamse psychiatrie is een heuse kwartiermaker actief die de afstand moet verkleinen tussen psychiatrische patiënten en sport. Het is Rik Kamping, werkzaam bij GGZ-inrichting Buitenamstel. Samen met een collega organiseert Rik Kamping voor psychiatrische patiënten een sportoriëntatiepool, met elke maand een andere activiteit bij een sportvereniging of accommodatie. Denk aan skiën, klimmuur, tennissen of een salsaworkshop voor psychiatrische patiënten én buurtbewoners in een buurthuis. De kwartiermaker is ook de motor achter een voetbalteam van psychiatrische patiënten. In de herfst van 2006 gaat bij voetbalvereniging Eendracht ’82 dit p-team meedoen in – het liefst – de seniorencompetitie.
Psychiatrische patiënten, die kennen we toch alleen zittend en rokend? Dat valt reuze mee, vertelt Rik Kamping. Uit een interne enquête blijkt dat de helft van de patiënten zeker graag zou willen sporten, het liefst bij reguliere verenigingen. ‘Maar dat lukt vaak niet. Knelpunten zijn de reistijden, maar vooral de verschillende ziektebeelden. Bijvoorbeeld bij schizofrenie en depressies. Mensen zijn dan weer depressief geworden en komen opeens niet meer opdagen. Ze voelen zich initiatiefloos, leeg. Je moet ze dan bijna aan het handje meenemen. Na een paar keer gaat het dan toch beter.’ Juist vanwege deze onzekerheid probeert Rik Kamping alle posities in het nieuwe voetbalelftal dubbel bezet te krijgen. Zo is het gemakkelijk op te vangen als iemand niet komt opdagen.
 
Sportverenigingen die p-teams zouden willen integreren in de vereniging, kunnen voor ondersteuning een beroep doen op de Wmo. De gemeente bepaalt uiteraard of een dergelijk voorstel wordt gehonoreerd.

Praktijkvoorbeeld: Vergroten van weerbaarheid heeft ook fysieke kant

Een psycho-fysieke weerbaarheidstraining kan slachtoffers van huiselijk geweld helpen zich beter staande te houden in bedreigende situaties. En kan hen helpen te voorkomen om opnieuw in een bedreigende situatie te komen. Dat is de les van weerbaarheidstrainingen, zoals die onder andere door Vrouwenopvang Amsterdam worden georganiseerd. Alle trainingen worden gegeven door docenten met een vechtsportachtergrond en een opleiding tot weerbaarheidstrainer, bij TransAct. De (vecht)sport staat echter niet centraal. ‘Hoewel er best eens een plankje wordt doorgeslagen. Maar als je weerbaarheid alleen ziet als leuk bewegen, dan snap je het niet helemaal’, vertelt Pyrrha Singerling, stafmedewerker weerbaarheid van Vrouwenopvang Amsterdam.
De afgelopen jaren is de aandacht voor de weerbaarheid van slachtoffers van huiselijk geweld sterk toegenomen. Steeds meer betrokkenen beseffen dat slachtoffers vaak een aandeel hebben in de escalatie van geweld. Een meer assertieve, weerbare houding kan in sommige gevallen geweld zelfs doen laten stoppen. Pyrrha Singerling ziet weerbaarheid als het vullen van een gereedschapskist, waar vrouwen uit kunnen putten als dat nodig is.
‘Het vergroten van weerbaarheid heeft zowel een fysieke als een mentale kant. Fysiek gaat het over in contact staan met je lichaam, dus letterlijk stevig in je schoenen staan. Over hoe je je stem gebruikt, je uitstraling en hoe je jezelf kunt beschermen als iemand je een klap wil geven. Mentaal gaat het bijvoorbeeld over de ontwikkeling van een positief zelfbeeld. Een gevoel van eigenwaarde en vooral het herkennen, erkennen en leren stellen van grenzen.’

De relatie met sport in het algemeen is duidelijk, want ook sporters ervaren vaak dat ze door hun sport niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal sterker worden. Vrouwen zouden er daarom baat bij kunnen hebben als ze na een weerbaarheidstraining kunnen deelnemen aan reguliere sportactiviteiten, vindt Pyrrha Singerling. ‘Veel vrouwen zitten echter niet in een financieel rooskleurige situatie. Een gemeente zou er in de Wmo voor kunnen kiezen om deze vrouwen financieel te ondersteunen met een sportaanbod, eventueel gecombineerd met gespreksgroepen zodat vrouwen blijvend steun kunnen ondervinden.’

Prestatieveld 7
ondersteunen van maatschappelijke opvang, advies en steunpunten huiselijk geweld
 
Prestatieveld 8
bevorderen van de openbare geestelijke gezondheidszorg, metuitzondering van het bieden van psychosociale hulp bij rampen
 
Prestatieveld 9
bevorderen van verslavingsbeleid