Prestatieveld 1


Leefbaarheid en sociale samenhang

Onder dit prestatieveld vallen voorzieningen en organisaties die activiteiten uitvoeren gericht op ontmoeting, sociaal-culturele activiteiten, sport en het bevorderen van leefbaarheid en integratie. Het gaat om buurt- en dorpshuizen, sportverenigingen, culturele voorzieningen, bewonersorganisaties en buurt- en wijkverenigingen. In bredere zin worden hieronder bijvoorbeeld scholen, arbeidsvoorziening, openbaar vervoer en winkelcentra verstaan. In principe is het prestatieveld bedoeld voor alle burgers in een sociaal-geografische omgeving (buurt, wijk, gemeente).

Sport- en beweegaanbieders

Alle aanbieders van sport- en beweegactiviteiten zoals sportverenigingen, fitnesscentra, buurthuizen en sportscholen dragen bij aan sociale samenhang en leefbaarheid op de volgende punten:
  • gebruikers en leden van sportvoorzieningen ervaren de voorziening als een belangrijke organisatorische basis waarbinnen met anderen sport- en beweegactiviteiten worden uitgevoerd;
  • sport- en beweegaanbieders (vooral verenigingen) vormen een belangrijke basis voor het verrichten van vrijwilligerswerk. Dit werk wordt gedaan door actieve sporters, familieleden van sporters, buurtgenoten en anderen die de vereniging of organisatie een warm hart toedragen;
  • sport in competitieverband zorgt er ook voor dat toeschouwers hun passie voor de sport kunnen delen;
  • sport- en beweegaanbieders organiseren in de buurt, de wijk of het dorp waar zij zijn gevestigd activiteiten waaraan alle buurt-, wijk- of dorpsgenoten kunnen deelnemen;
Voor activiteiten van sport- en beweegaanbieders die speciaal gericht zijn op kwetsbare groepen verwijzen we naar prestatieveld 5.

Gemeente

De gemeente bepaalt welk basisnetwerk van verenigingen, organisaties en voorzieningen wenselijk is om de bevolking voldoende participatiemogelijkheden te bieden. Het gaat daarbij om:
  • welzijnsorganisaties, buurtverenigingen, sportverenigingen, sociaal-culturele voorzieningen;
  • speelterreinen en accommodaties, vaak gebruikt door verenigingen;
  • voorzieningen zoals trapveldjes, skateboardfaciliteiten, jeu-de-boulesbanen;
  • in de natuurlijke omgeving gelegen recreatiemogelijkheden om te zwemmen, fietsen, wandelen, trimmen;
  • faciliteiten in en rond scholen (speelplein, gymzaal);
  • vestigingsbeleid voor commerciële sport- en fitnesscentra.
Vervolgens bepaalt de gemeente welke onderdelen van het netwerk zij financieel wil faciliteren.

Praktijkvoorbeeld: Constant signalen oppakken uit de stad

De afdeling sport van de gemeente Den Haag houdt zich actief bezig met de bevordering van leefbaarheid en sociale samenhang in de stad. Soms als kartrekker, soms in een ondersteunende rol voor andere initiatiefnemers of gemeentelijke diensten. De tijden waarin een gemeente weinig boodschap heeft aan sport zijn veranderd; ook in Den Haag. ‘Sport was vroeger alleen in verenigingsverband, met hier en daar een sporthal. Tegenwoordig zien we in dat sport en bewegen een waardevolle bijdrage aan de samenleving levert, aan de leefbaarheid en het welbevinden van mensen’, vertelt ambtelijk Wmo-projectmanager Frans Breusers.
Vanuit leefbaarheidoogpunt ziet zijn collega Frans van de Ven (hoofd sport) graag mensen in verenigingsverband sporten en bewegen. ‘De leefbaarheid daalt in delen van de stad waar geen verenigingen meer bloeien. Om dat op te vangen heeft de afdeling sport vele samenwerkingspartners, variërend van scholen, welzijnswerk, gezondheidsdiensten of stadsbeheer. Samenwerking is belangrijk. Want je kunt bijvoorbeeld een sportplein creëren maar zonder goed toezicht wéét je dat een groep jongeren zo’n pleintje kan gaan domineren. Vervolgens wordt het niet meer gebruikt. Dus is het belangrijk om buurtbeheer en welzijnswerk bij initiatieven te betrekken.’ Of omgekeerd, want velen weten in Den Haag de afdeling sport te vinden. Een school die een braakliggend terrein weet om te toveren tot een heus sportparkje, sportintroductie voor allochtone moeders en vaders, Bewegen op Recept waarbij huisartsen geen pillen voorschrijven maar beweging. Of neem de opstapcursus waarbij zes Turkse vrouwen zijn geschoold om in buurthuizen Meer Bewegen voor Ouderen te geven. Als afdeling sport bevinden we ons in een constante stroom van collegiale contacten. Dag in, dag uit pakken we signalen op uit de stad.

Praktijkvoorbeeld: Geslaagde integratie van allochtone vrouwen en meisjes door middel van bewegen

De stichting Vrouw(en) in Beweging Rotterdam zet zich in de deelgemeente Delfshaven in voor integratie en zelfredzaamheid van allochtone vrouwen en meisjes door middel van bewegen. Met de aanpak CiB (Communities in Beweging) heeft de stichting vrouwen in beweging gebracht. De Marokkaanse vrouwen van de eerste en tweede generatie zijn door middel van de activiteiten (taal en bewegen) gegroeid in hun zelfstandigheid; sommige vrouwen hebben zich ontplooid tot sport- en spelleidster. Deze vrouwen gaan op hun beurt weer nieuwe beweeggroepen in andere wijken starten.
Ook heeft de stichting Vrouw(en) in Beweging Rotterdam aansluiting gevonden bij een Moskee om met een groep allochtone meiden in beweging te komen. Ineke Geerdink, projectleider: ‘Samen met het opbouwwerk hebben we toegang gekregen tot deze moskee. Daar zijn ze zo enthousiast dat we nu al vijf beweeggroepen hebben. Een van de meiden geeft (dans) les aan een jongere meidengroep. Bovendien wilden de oudere meiden ook graag bewegen. Na een optreden van deze meiden voor de moskeegemeenschap hebben zich spontaan dertig moeders aangemeld omdat zij ook iets wilden met bewegen!’

Praktijkvoorbeeld Minder overlast als jongeren weer gaan sporten 

In Weert hebben gemeente en Punt Welzijn begin 2006 het startsymposium Van Bomen naar BOS georganiseerd over de relatie tussen buurt, onderwijs en sport (BOS). Zo’n vijftig vertegenwoordigers van sportverenigingen, scholen en wijkraden kwamen bijeen om te praten over gezamenlijke initiatieven rond de BOS-impuls. Dat is een subsidieregeling van het ministerie van VWS voor activiteiten om jongeren gezond te laten leven en problematisch gedrag en overlast door hangjongeren terug te dringen. De gemeente Weert wil met het startsymposium structurele samenwerking op gang brengen tussen verschillende belanghebbenden. Kennismaken met sport én bestrijding van overlast en kleine criminaliteit gaan in Weert hand in hand.
Om de jongeren tussen 14 en 20 jaar die bij een sportvereniging zijn afgehaakt, weer enthousiast te maken, heeft de gemeente de Easy Sport Card geïntroduceerd. Voor 11 euro per jaar kunnen jongeren met deze kaart makkelijk en goedkoop sporten zonder lidmaatschap, per keer betalen ze slechts een kleine bijdrage. Deelnemende sportverenigingen komen in aanmerking voor een financiële bijdrage van de gemeente. Een bijdrage die de gemeente Weert straks in het kader van de Wmo zou kunnen rechtvaardigen. 
 
 
Prestatieveld 1
bevorderen van de sociale samenhang in en de leefbaarheid van dorpen, wijken en buurten