Gemeente Eindhoven
Voorbeeld van inzet van Sport en Bewegen voor dak- en thuislozen
- Welke sport- en beweegactiviteiten worden (of zijn) Wmo-beleid in Eindhoven?
- In samenwerking met het Leger des Heils wordt een groep van 12 dak- en thuislozen een dagprogramma op een sportcomplex aangeboden. Als ingang is S&B gekozen; daaronder worden allerlei type sport en beweegactiviteiten verstaan. Dit kan zijn voetballen, jeu de boule, boogschieten etc. Gedurende de dag krijgt de groep dus een gevarieerd aanbod S&B, de mogelijkheid om te douchen en een maaltijd aangeboden. Als tegenprestatie wordt hulp bij het opruimen van zwerfvuil – in en rondom het sportcomplex – gevraagd.
Naarmate de groep vaker bij elkaar is, meer zelf kan bepalen wordt voor de begeleiding duidelijk met wie vervolgstappen gezet kan worden. De vervolgstappen zijn gericht op het (weer) zelfstandig leren wonen, een actieve en gezonde leefstijl aan te nemen en om taken uit te gaan voeren. Die taken liggen vooralsnog binnen de structuur van de sport en sportverenigingen: het bijhouden van belijning, schoonhouden van kleedkamers etc.
Om één en ander te bewerkstelligen wordt samengewerkt met (sport)verenigingen, de Woningstichting en uitzendbureau.Een volgende stap bij het inzetten van S&B voor dergelijke prestaties is om de grote groep ongeorganiseerde (en volledig op straat levende) daklozen te benaderen en via S&B te bereiken. Deze laatste stap is nog niet gezet, maar staat ‘op de rol’.
- Hoe worden deze activiteiten gefinancierd?
- De gemeente Eindhoven gaat uit van geïntegreerd beleid en dus worden deze activiteiten vanuit de gemeentelijke begroting gefinancierd (zie verder onder rol van de gemeente (link door). In dit specifieke geval worden de kosten betaald uit het budget, dat de gebiedsmanager tot zijn beschikking heeft. Precieze bedragen zijn (nog) niet te geven.
- Wie organiseert deze activiteiten?
- Het initiatief komt van het uitvoeringsorganisatie. In dit geval de gebiedsmanager. Laagdrempelige S&B activiteiten worden gezien als een uitstekend bindmiddel en ingang bij een dergelijke moeilijk te bereiken doelgroep. De organisatie, coördinatie en uitvoering en daarmee de eindverantwoordelijkheid ligt volledig in handen van de gemeente (lees gebiedsmanager); de beleidsondersteunende ambtenaren worden pas later in dat traject ingeschakeld om aan de hand van resultaten te bepalen of hieruit algemeen (Wmo)beleid is te formuleren.
Sportleiders worden aangesteld voor het begeleiden van de activiteiten. Vooralsnog via een uitzendbureau, later wellicht in dienst van de gemeente. Daarnaast wordt het vrijwillige kader van de sportvereniging ingeschakeld, onder het motto ‘voor wat, hoort wat’!
- Hoe worden de resultaten van deze activiteiten gemeten?
- Het gemeentelijke beleid bij het huidige college prioriteert kwaliteit boven efficiency. De gedachte daarachter is dat preventie van zorg en/of welzijnsproblemen uiteindelijk goedkoper zal blijken te zijn en dus minder op het gemeentelijke budget zal drukken. Doordat bestuur, beleid en uitvoering dicht aan elkaar gekoppeld zijn, zullen resultaten direct beschikbaar zijn.
Deze werkwijze en doelgroep zijn relatief nieuw, waardoor het geheel de status heeft van experiment, waarbij niet direct afgerekend wordt op resultaten.
- Wat zou het voor de deelnemers betekend hebben als zij niet aan deze activiteiten hadden deelgenomen?
- Hierdoor wordt een groepsbinding aangeboden; diegenen die meesporten kunnen dat doen; anderen kunnen als toekijker deelnemen. Daarnaast wordt gewerkt aan structurele verandering en verankering van de leefsituatie. Daarbij wordt niets van de voren bepaald, maar wordt veel dynamiek aan de groep deelnemers overgelaten (er wordt gewerkt volgens een community benadering, zie ook www.cib.nl). Sporten en bewegen is het bindmiddel. De doelen zijn breder maatschappelijk van aard.
Er is grote kans dat groepsleden uiteindelijk meer kans maken om deel te nemen als vrijwilliger en/of betaalde kracht binnen de structuur van sportaccommodaties en sportverenigingen.
En wellicht - te zijner tijd - zal dat blijken een eerste opstap te zijn naar maatschappelijk participeren.
- Waar staat het sportbeleid op dit moment?
- Sportbeleid valt onder de dienst maatschappelijke ondersteuning (dmo). Bestuurlijke afbakening, beleidsontwikkeling en uitvoering staan dicht bij elkaar en beïnvloeden elkaar daardoor gemakkelijk. De gemeente heeft hiervoor bewust gekozen. Een gevolg is dat sportbeleid en Wmo beleid op alle drie niveaus in elkaar overlopen.
- Wat zijn de speerpunten van het sportbeleid?
- Het belangrijkste sturingskanaal zijn de sportaccommodaties. De gemeente Eindhoven is (bewust) eigenaar van alle sportaccommodaties en kan daardoor voor eigen beleidsuitvoering gebruik maken van de accommodaties. In de begroting is daarvoor dan ook voldoende financiële ruimte gecreëerd. De sportieve opvang van dak- en thuislozen kan daarom zonder ingewikkelde procedures vanuit de uitvoeringskant gepland en opgezet worden.
- Waar staat het Wmo-beleid op dit moment?
- Eind 2007 wordt het Wmo beleidsplan door de raad aangenomen (www.eindhoven.nl)
- Welke inhoudelijke keuzes zijn gemaakt t.a.v. Wmo & sportbeleid?
- De Wmo maakt het gemeenten mogelijk om geïntegreerd beleid te ontwikkelen en uit te voeren. Dat is het eerste uitgangspunt bij de ontwikkeling van het Eindhovens Wmo beleid. De Wmo is een proces om integraal naar maatschappelijke problemen te kijken en geeft daarvoor budget. Welzijns- en zorgbeleid vloeien in elkaar over. Echter bij de Wmo blijft het niet daarbij: de Wmo gaat over participatie en S&B is daarbij wellicht een fantastisch hulpmiddel.
Een tweede uitgangspunt is de aanname dat zorg- en welzijnsproblemen niet altijd het beste oplosbaar blijken door het aanbieden van welzijns- of zorgproducten. Juist onconventionele inzet, bijvoorbeeld d.m.v. inzet van S&B kan effectiever blijken. De achterliggende gedachte is dat preventie van problemen uiteindelijk goedkoper zal zijn.
- Welke rol heeft de gemeente?
- De gemeente Eindhoven heeft bewust zich een aantal rollen aangenomen: doordat zij eigenaar is van alle sportaccommodaties regisseert zij de bezetting, en daarmee de maatschappelijke functionaliteit van sportaccommodaties; de gemeente heeft ook de rol van ondernemer om accommodaties efficiënt te beheren en tenslotte vertolkt de gemeente de rol van uitvoerder: zij nodigt partijen (bijv. sportverenigingen) uit om een maatschappelijke rol te spelen, maar ontwikkelt daar waar nodig eigen initiatieven, ook tot en met de uitvoering zelf.
De gemeente kan dat omdat zij – ook weer bewust – alle expertise daarvoor zelf in huis heeft.
- Hoe is het samenwerkingsproces verlopen (intern, evt. intergemeentelijk)?
- Door de hierboven beschreven uitgangspunten en rollen gaan samenwerkingprocessen soepel; initiatieven die door de uitvoering als noodzakelijk gezien worden, bereiken het beleidniveau snel en leiden snel tot besluiten. Door de rol van regisseur en ondernemer zijn snel duidelijke afspraken te maken met maatschappelijke organisaties: budget, accommodaties en plannen liggen voor en worden snel uitgevoerd.
- Overige soortgelijke projecten en activiteiten:
- Kinderen met een beperking: sportieve activiteiten in het kader van NSO
- Activering van inactieve senioren: sportstimulering bij en met senioren
- Relevante beleidsdocumenten
- ‘Wmo beleidsplan’, www.eindhoven.nl
Contactpersonen
Mw. Linda Brabers
Programmamanager Wmo
e-mail: l.brabers@eindhoven.nl
telefoon: 040-2382852
Mw. Linda Brabers
Programmamanager Wmo
e-mail: l.brabers@eindhoven.nl
telefoon: 040-2382852
Dhr. Henny Bleekwilder
Gebiedsmanager Eindhoven Noord
e-mail: h.bleekwilder@eindhoven.nl
telefoon: 040-2388810
Gebiedsmanager Eindhoven Noord
e-mail: h.bleekwilder@eindhoven.nl
telefoon: 040-2388810

